Categoriearchief: Spaans leren

Kleine vakantie aan de Mar Menor

Cabo de Palos

Vakantie in eigen land. Altijd leuk en zeker in een land wat zo divers is als ons mooie Spanje. Meer en meer gaan we dit land ontdekken en hoewel onze bestemming deze keer niet nieuw was, was het toch weer een belevenis apart.

Gisterenmorgen togen we via een mooie binnenroute door onze eigen Región de Murcia naar Los Narejos, waar onze vrienden Elisabeth en Salvador een vakantiehuis hebben. Ook een typisch Spaans verschijnsel: wonen in het binnenland en aan de kust een stekkie hebben voor vrije weekenden en voor de zomervakantie. In dit geval was het de vader van Salva die 14 jaar geleden, lang voor de crisis toesloeg, een appartement kocht op een goede 200 meter van het mooie zandstrand van de Mar Menor. De Mar Menor is een binnenzee en dat is best een bijzonder verschijnsel .

[important]

De Mar Menor is een lagune in het zuidoosten van de regio van Murcia in Spanje. De lagune is gescheiden van de Middellandse Zee door een strook land, La Manga del Mar Menor genaamd, die 21 km lang is en haar breedte varieert van 100 tot 1200 meter. De lagune is bijna 170 vierkante kilometer groot  en heeft 70 km kustlijn. Het water is heerlijk warm, aangezien de lagune niet meer dan 7 m diep is. Het werd daarom door de bekende zwemster en Hollywood actrice Esther Williams uitgeroepen als “het grootste zwembad ter wereld”.

Goede sportfaciliteiten maken het één van de drukste plaatsen in Europa voor alle vormen van watersport. De noordkant is een natuurpark, dat “Salinas y Arenales de San Pedro del Pinatar” genoemd wordt. Het bestaat uit zoutmeren waar zeezout gewonnen wordt. Verder is het bekend voor haar modderbaden. Verschillende hotels hebben kuren uitgewerkt, maar de plaatselijke bevolking gaat naar het natuurpark om zich onder te dompelen in de modder.

De stranden van de Mar Menor behoren tot de gemeenten San Pedro del Pinatar, San Javier (Santiago de la Ribera, gedeelte van La Manga, Lo Pagan en The Cuarteros), Los Alcazares en Cartagena (Los Urrutias, Los Nietos en een gedeelte van La Manga).

De Feniciërs kozen deze “kleine zee” al eerste om hun zomerresidentie te installeren eerst, later kwamen ook de Moorse koningen. Nog steeds trekt deze plek trekt mensen aan die op zoek zijn naar een rustige omgeving, waar men met ideale weersomstandigheden het hele jaar door kan rusten en zich ontspannen.

[/important]

Het is opvallend dat het merendeel van de strandgangers Spaans is, er zijn wel buitenlanders, maar veel minder dan in de bekende badplaatsen wat noordelijker aan de Costa Blanca. De Mar Menor ligt in de provincie Murcia en is volgens Salvador vooral ook erg in trek bij de Madrilenen, die er blijkbaar heel veel huizen bezitten en hun vakanties graag doorbrengen op de landstrook tussen de Middellandse Zee en de Mar Menor.

Wij wandelden ´s morgens langs het strand, dronken wat met Elisabeth, Salva en hun zwager José (bij ons bekend als Sjakie Dos) die er niet weg te slaan is op het moment. Daarna aten we heerlijke gamba´s. pizza en meer lekkernijen bij Restaurante Angela, pal naast het appartementencomplex waar we logeerden in het ruime huis van Salva´s familie. Juli is hun maand en de maanden juni en augustus zijn voor zijn broers. Zo werkt dat in Spanje 🙂

Na een welverdiende siesta togen we rond half zeven naar het strand om lekker te badderen in het warme, ondiepe water. Het is er superveilig voor kinderen omdat je zeker 200 meter de zee in moet voor je in water komt waar je niet meer kan staan en er is weinig golfslag. Kleine Martín is nog net geen drie maanden, maar ging heerlijk in de armen van zijn ouders mee. Goh, wat genoot dat manneke van het warme bad! Los Narejos ligt maar een kilometer van het vliegveld van San Javier en hoewel er niet continue vliegtuigen overkomen, vliegt Ryanair toch heel wat toeristen in in de maand juli. Ik moet zeggen dat het een bijzondere ervaring is om in de zee te dobberen en zo´n enorme vogel vlak boven je langs te zien scheren. Ze zijn dan al volop aan het landen, heel apart, je hebt het gevoel dat jet het landingsgestel zo kan aanraken.

Ook weer iets: toeristen gaan op het heetst van de dag naar het strand, Spanjaarden gaan ´s ochtends of ´s avonds zodat het niet meer zo heel warm is. Het was dik 9 uur eer we terug waren en na een verfrissende douche om het zout en zand van ons af te spoelen, gingen we het hoekje om naar de straat waar zich tientallen restaurants bevinden met de terrassen waar je maar kan kiezen wat je wilt eten. Wij kwamen terecht bij Route 66 (geen familie van die in Benijofar) en namen een schaal nacho´s mét. De mannen hadden daarna nog wel zin in een hamburger, maar Eli en ik kozen voor een lekker stuk appeltaart. Koffie na en ondertussen zagen we het plein leeglopen. Ook een verschil: de meeste Spanjaarden eten in hun eigen huis, de buitenlandse toeristen zoeken de terrassen op en zo is rond half 12 bijna alles al leeg, want die eten vroeg. Spanje komt dan pas echt op gang 🙂

Dat hebben we geweten, want naast ons zaten blijkbaar een aantal gezellige Spaanse vriendinnen die gewoon tot half drie hebben zitten kletsen, lachen en lol maken op het balkon van hun appartement. Dat is de andere kant van de gezelligheid van kust: veel mensen, overal auto´s en drukte tot ver in de nacht. Wij vonden het erg gezellig, zo´n dagje kust, maar weten nu weer dat wij nooit een huis in een kustplaats zullen kopen.

Vanmorgen bleek dat Elisabeth het ook wel een beetje gehad het met huis, strand en vice versa. We stelden hen dus voor om eens een stukje verder te gaan kijken en zo togen we naar het leuke authentieke kustplaatsje Cabo de Palos, waar we al eerder waren. We ontbeten aan de haven en genoten van de rust en gezelligheid daar.  We wandelden langs de haven, reden naar de mooie vuurtoren en besloten daarna eens de andere kant van de Mar Menor te gaan bekijken. Wij deden dat al eerder, maar Elisabeth was niet verder geweest dan La Manga, jaren geleden. We reden de 21 kilometer landtong en weer terug en zagen dat de strandjes daar erg rustig waren met op veel plaatsen leuk vermaak, zoals waterglijblanen, waterfietsen, jet ski´s en restaurantjes. Helemaal geen verkeerde plek voor een leuke strandvakantie als je ervan houdt!

Wij lieten de kust weer achter ons om even naar het Centro Comercial Espacio Mediterraneo bij Cartagena te gaan. We keken meer rond dan we shopten, maar zagen onze vrienden genieten van het onverwachte uitje, terwijl opa Kanguroo trots achter de kinderwagen liep. Leuk woord he? Een oppas heet in Spanje een kangoeroe 🙂 In de buidel dus, in dit geval de kinderwagen waar dit vrolijke ventje helemaal enthousiast wordt als Albert in het Nederlands tegen hem begint te kirren. Dat wordt nog wat, die leert vanzelf Nederlands zo 🙂 We aten een voortreffelijk dagmenu bij de Cotton Grill en reden moe en voldaan terug naar Los Narejos. Tas pakken boven en op naar Macisvenda, want één nacht in de gekte van de Spaanse kust is genoeg voor ons. Dit is het Spanje wat ik me voorstelde voor ik hier ooit kwam en dat is dus niet ´ons Spanje´. We zullen Elisabeth en Salvador volgend jaar eens ´ons Nederland´ laten zien, wat zullen ze genieten daar. Bestellen jullie alvast mooi weer voor eind april 2015?

Gezelligheid kent geen tijd

Smullen maar
Smullen maar

Na een drukke en gezellige klusweek, hebben we ons dit weekend toegelegd op een uitgebreide middag gezellig tafelen met onze Spaanse vrienden (of zoals ze zelf zeggen, onze Spaanse familie). Best spannend, want ze zijn niet zo van vreemd eten hier hoor. We hebben dus geprobeerd om er een Nederlands tintje aan te geven, maar vooral niet te pikant eten op tafel te zetten.

Als voorgerechtjes wat tapas op Hollandse wijze: kaaskoekjes, stokbrood met kruidenboter (ongekend succes, dat kenden ze nog niet!), extra belegen kaas, gekookte Gelderse worst en wraps met zalm en chorizo. Daarna de beroemde tomatensoep van Albert die er in ging als pap en als hoofdgerecht gebakken aardappeltjes en patatjes met varkenshaas met champignons en de altijd lekkere Albertjes Kipflet. En als dessert taart van Monchou maar dan in een glaasje. Er werd heerlijk nagetafeld met koffie en thee en dan is het zelfs bijzonder als je allerlei smaakjes thee blijkt te hebben. Grappig, die cultuurverschillen.

Gisteren veel voorbereid en de cantina klaargemaakt voor 12 eters en 2 kinderwagens en vanmorgen de laatste hand gelegd aan de verse dingen. Zo rond half drie was het hele spul compleet en uiteindelijk werd het dik 7 uur voor iedereen tevreden en volgegeten naar huis ging. De baby´s gingen van hand tot hand en hebben zich voorbeeldig gedragen. Onze eigen baby in Nederland is bijna baby-af, want Macy wordt dinsdag al 1 jaar en dus een dreumes. Met haar hebben we vanmorgen via Skype al een beetje haar verjaardag gevierd, vanmiddag kwam daar de rest van de visite. Al met al was het een dag met een sterretje!!

 

 

 

Nu ik weer eens … over Spaans

Na een lange tijd geen teksten te hebben geplaatst hier ga ik vandaag weer eens overstag. Geen Albertje Kretiek himself maar gewoon Albert vertelt, over de dingen zoals ik ze ervaar.

oei oei

Nooit gedacht dat ik, die een groot deel van Europa heeft doorkruist,  zo mijn rust kan vinden in Spanje. Natuurlijk is er aardig wat water door de Nieuwe Waterweg gestroomd voordat we zo ver waren om te vertrekken. De regeltjes werden in Nederland doorgenomen en wij zouden ons er aan aanpassen. De taal was het probleem en wij startten gelijk samen een cursus Spaans voor beginners. Na de eerste les stopte ik gelijk, want het tempo van vrouwlief was niet bij te houden. Thuis ratelde ze maar door en alles was Spaans. Ik, normaal de stresskip, dacht stellig dat zoals het op mijn reizen ging, ik me wel verstaanbaar kon maken. Tuurlijk je gooit wat O´s en A´s achter een woord en je spreekt Italiaans of Spaans. Haha, dus mooi niet!

Na enkele weken hier voelde mijn tekortkomingen en ging les krijgen van een lieve juffrouw uit het dorp, die het een prestatie vond om mij uit de tent te lokken. Leerde vrolijk de dingen van mijn lichaam, nee lieve lezers niet op het vlak van amor. Maar gewoon wat mijn hoofd en aanhangsel waren in het Spaans. Gelukkig leerde ik van haar en haar lieve moeder Mama Maria ook Spaans koken en hoe de keukendingen en voedsel heten. Doordat ik zoveel leerde achter elkaar met een week ertussen, verdween het meeste wat ik geleerd had in de spreekwoordelijke vergiet.

Ik luisterde naar andere mensen, die probeerden Spaans te leren; de één nam les bij een Hollander die al verder was in woord en geschrift, de ander pakte de draad op bij een Spaanse juf of ging in een groep proberen de taal machtig te worden. Een groep was voor mij geen optie want het door elkaar praten is voor mij te verwarrend en als men dan ook nog Engels moet babbelen, zak ik door mijn stoel. Ook de optie van het leren met een CD-rom was niet iets voor mij, want zo´n glimmend schijfje verbetert mij niet als ik het fout brabbel en kan mij ook niet uitleggen waarom iets zo moet in de taal.

Dus nu na iets meer dan twee jaar hier te wonen moest ik wel verder, dan hallo en dag, dus in een groot overleg met mijn ega hebben we besloten, dat ik weer terug moest in de schoolbankjes. Gelukkig had Mootje zeer goede ervaringen in Murcia bij de taalschool Instituto Hispánica. En daar ging Albertje met een rugzakje in korte broek naar zijn klas, gelukkig kreeg ik privé les. Dat is wel wat duurder maar dan krijg je ook de volle aandacht en dat heb ik nodig. Heerlijk 3 uurtjes per dag met een pauze ertussen van een half uur die je kon benutten beneden in de bar met een heerlijke Americano oftewel een bak zwarte koffie. In mijn pauze kwam Mo ook een bakkie drinken en kon zij gelijk horen of ik het wel kon bijhouden.

Tijdens mijn lessen schreef ik zoveel mogelijk op en dingen die ik niet gelijk begreep, kruiste ik aan. Na de lessen togen we naar een eetplek om de inwendige mens te verwennen. Een wandeling terug naar het hotel en de siësta  zorgde voor de benodigde ontspanning, waarna we beneden in de bar nog een uurtje of twee samen de vragen maakten en de ik-niet-weet-of-de-ik-niet-begrijp-stukjes verwerkten. Die 15 uur school en 10 uur bijles van Mootje met praktijklessen tijdens het wandelen of winkelen hebben mij goed gedaan.

Niet dat ik nu alles weet, want na zo´n week zit alles door elkaar, maar ik heb wel de zin gekregen om volgende week het geleerde weer eens terug op pakken. Spaans is een taal die als je hem spreekt en begrijpt best mooi is en hopelijk kan ik op korte termijn mijn A1 niveau veranderen in een A2 niveau.

word ooit vervolgd-

voor nu, Hasta la vista, mi amigo’s

Albert

Al vallen de mussen dood van het dak …

Al vallen de mussen dood van het dak, vanaf 23 september trekken de Spanjaarden de lange broek aan en gaat de korte broek in de kast tot de zomer. Tot 23 juni wel te verstaan, want in de lente, de primavera draag je weliswaar ook een zomerbroek, maar wel een lange. Zo hoort het en korte broeken zijn voor toeristen. Je haalt ze er zo uit! Natuurlijk trekt Albert dit op zijn fatsoen, vooral omdat hij dit zo geleerd heeft van zijn privéleraar Francisco vanmorgen. Gelukkig zit er een lange broek in de koffer en nog beter: de korte broeken kunnen wellicht in de zak van Max, want ze vallen hem zo van de kont af. Bovenstaande foto zegt genoeg: gekocht in april en nu veel en te veel groot. Zonder riem of bretels is er geen houden meer aan.

Zoals gezegd, we leren hier meer dan alleen de Spaanse taal. Elke dag hebben we voor de pauze grammatica, maar daarna volgt een conversatieles. Daarin gaat het over van alles, maar vooral over de Spaanse cultuur, de gewoontes en de verschillen met andere landen. Ik heb conversatieles met de wat weinig flexibele (vierkante kop, zeg maar) Duitser Christian en met de flamboyante Italiaan Guiseppe. Caramba, wat een temperament zit er in deze knappe jongeman 🙂

Een van onze ‘praatpapieren’ deze week was een artikel over hoe Spanje beschreven wordt in diverse buitenlandse reisgidsen. Van de bekende The Rough Guide tot voor mij onbekende Japanse boekjes. Herkenbaar, veel van de dingen die beschreven worden, vielen ons een paar jaar geleden ook op en zijn ook vaak onderwerp van gesprek met Nederlandse vrienden die bij ons op bezoek zijn. Laten we er eens wat uitpikken 🙂

Spanje is het land van de siesta. Helemaal waar! Tussen 2 en 5 uur ‘s middags gaat de rem erop. Buitenlanders denken vaak dat heel Spanje dan in diepe rust is en onder de wol kruipt, maar in werkelijkheid wordt er vaak vrij uitgebreid getafeld, waarna men een kort dutje doet of zich op een andere manier ontspant. ‘La comida’, de middagmaaltijd is een warme maaltijd, vaak de hoofdmaaltijd van de dag. De ochtenden zijn lang, men werkt door tot twee uur. De zon bepaalt het levensritme, als het echt te warm wordt, gaan alles een tandje lager. Na vijf uur gaan veel mensen weer aan het werk en veel bedrijven sluiten pas om een uur of acht. Veel winkels houden zich nog aan de siestatijden, al zul je supermarkten in grotere plaatsen vaak open zien, net als grote winkelcentra. Maar zowel in de grote stad Murcia als in ons eigen Macisvenda kan je om 3 uur echt niet bij de bakker terecht, maar wel tot zeker 9 uur ‘s avonds.

Spanjaarden houden van uitgaan. Eso es! Zeker weten, Spaanse terrasje, zeker in een tijd als deze met temperaturen  nog boven de 20 graden tot ver in de avond, zitten vol. Ga rond een uur of acht, als iedereen klaar is met werken, maar nog lang niet aan avondeten denkt, maar de stad in. Gezelligheid ten top! Hele families, groepjes oudere dames, tot in de puntjes verzorgd, kindertjes in mooie kleding, de kinderwagens erbij, Spanje leeft! Men drinkt een glas wijn, neemt een biertje, knabbelt een nootje of verorbert een olijfje en men praat. Met handen, voeten en veel expressie, het is een druk volkje hoor. Helaas zie je op straat ook veel mensen die het minder hebben, bedelen is hier erg algemeen en wij weten soms niet goed hoe we daar mee om moeten gaan.

Uiterlijk schoon of uiterlijke schijn? Ik ga voor schoon, want het is opvallend hoe goed verzorgd en smaakvol iedereen zich hier op straat vertoont. Elke ochtend wandelen we van ons hotel naar het instituut langs diverse scholen. Hier geen slonzige mama’s die even snel het kroost droppen, maar voornamelijk keurig opgemaakte dames die hun in schooluniform gestoken kinderen aan de hand naar school begeleiden. Trouwens, de jongetjes dragen nog gewoon hun korte broek en voor vrouwen blijken korte rokken in oktober ook nog geen taboe te zijn. En de policia local, de plaatselijke politie, is alom aamwezig om te helpen aan een veilige verkeersituatie daar waar nodig is rond de scholen.

Roken is hier nog erg ‘in’. Ondanks dat ook hier een rookverbod geldt in openbare gelegenheid, inclusief de horeca, valt het ons altijd op dat erg veel mensen roken. Ook nog in onze eigen Nederlandse kennissenkring hier in Spanje trouwens. Geen idee wat een pakje  sigaretten eigenlijk kost hoor, maar in elk geval is het hier niet zo erg om steeds buiten te moeten gaan roken. 

En verder? Je kan hier overal naar het toilet! In elke winkel kan je er gebruik van maken, je hoeft niet persé ergens in een horeca-gelegenheid wat te nuttigen en bovenal zijn de toiletten praktisch overal erg schoon. Tip voor de dames: een pakje papieren zakdoekjes in de tas of eventueel zo’n verpakkinkje vochtig toiletpapier, kan handig zijn. Zelfs in de reisgidsen staat dat het papier wel eens op kan zijn. En hangt er een grote brief naast de pot, dan staat  er vaak op dat ze het papier liefst in de prullenbak zien belanden. Wat? Hè bah! Tja … vooral oudere gebouwen hebben vaak hele dunne afvoerleidingen en dan raakt de boel snel verstopt. ‘s Lands wijs, ‘s lands eer, denken we dan maar.

Eten doe je tussen 2 en 4 ‘s middags en ‘s avonds nooit voor half 9. Veel Spaanse restaurants gaan niet eerder open ook. Voor die tijd neem je een tapasje in de bar of zo. De Spanjaarden zelf gaan gerust nog om elf uur naar een restaurant. En nee, het is niet raar om ‘s morgens al een borreltje te nemen bij de koffie, net zoals ze de wijn mengen met een frisdrank en daarna weer gewoon aan het werk gaan. Niks is raar, alleen anders.

Tijd is hier een beetje van elastiek. Als je om negen uur afspreekt, moet je niet verwachten dat iedereen er dan ook is. Als je dat wil, kan je beter om half negen afspreken. Maar aan de andere kant, rijden treinen meestal weer op de minuut nauwkeurig, zal iedereen je keurig laten oversteken bij een zebrapad en is de bediening in winkels en restaurants erg beleefd en plezierig. Tenminste, zolang je dat zelf ook bent!

Tot zover dit lesje Spaanse cultuur. Tijd voor mijn korte ontspannende dutje, want zoals een goede Spaanse betaamt, ga ik straks nog even aan het werk. Spaanse les voor Alberto!

De bouw vordert gestaag

Bijna beschaamd moet ik jullie vertellen dat het gewoon een beetje fris is hier. Het is ´maar´ 25 graden bij een koel windje en in de schaduw is het echt niet zo lekker als het vorige week was. Vorig jaar was het rond deze tijd tegen de 40 graden rond deze tijd, dus hou ik op met klagen, het is beter dan toen én veel beter dan in Nederland. Albert moet alleen een beetje oppassen, want die kan zijn ogen niet van de bouw buiten afhouden en krijgt door het wat frisse weer toch weer wat last van pijn. Op tijd naar binnen dus, die mannen kunnen best bouwen zonder ons.

Kúnnen wel, maar doen? Gelukkig niet! We zijn blij dat we deze week veel thuis zijn, want nu het grote bouwen achter de rug is en de details gaan komen, is er heel veel overleg. Niets wordt gedaan zonder dat de mannen vragen hoe we iets willen hebben en Salvador is in zijn rol als uitvoerder een gouden kerel. Hij kan goed uitleggen, spreekt rustig en duidelijk Spaans en is bovendien erg gezellig. Zijn maatjes werken keihard, ze nemen hun twee eetpauzes, maar verder gaat het dagelijks door van acht uur ´s morgens tot zeven uur ´s avonds (en later soms!). De aannemer heeft vorige week een lelijke val gemaakt hier, over een stom emmertje. Hij voelt zich allesbehalve fit en stuurt dochter Elisabeth vaak als opzichter en tussenpersoon hier naar toe. Zij woont samen met Salvador en dit stel doet het prima. Onze Spaanse woordenschat wordt trouwens erg uitgebreid deze week, bouwtechnisch kunnen we zo mee voortaan.

Voor ik zometeen foto´s van de bouw online ga zetten, wacht ik nog even op Leo, onze eigen elektraman. We hebben veel vertrouwen in Spaanse bouwers en hebben met dit huis geen problemen gehad, maar de elektriciteit was drama op veel punten. Leo heeft destijds veel lekken boven moeten halen en om  dat deze keer te voorkomen, laten we hem gewoon alles doen. Hij komt er zo aan en verdient natuurlijk ook een foto op het blog!

Verder gaat het leven zijn gangetje. Behalve de bouw is het lekker rustig. Tijd voor de kapper, samen naar het Centro de Salud in het dorp om bloed te laten prikken en verder eigenlijk niets bijzonders deze week. Morgen gaan we met onze Spaanse buren Juanita en Jose Duits eten bij El Paraíso, ben erg benieuwd wat ze daarvan gaan vinden 🙂 Ik hoop wel dat mijn nieuwe Kindle ereader voor de middag bezorgd wordt. Vanmorgen kon de koerier ons blijkbaar niet vinden en er is me beloofd dat dat morgen wel gaat lukken. Fijn, want dan kan ik lekker ook in de zon verder met mijn boek. Ik lees Safe Harbour van Danielle Steel in het Spaans en vindt het een heerlijk boek, maar de iPad en iPhone zijn duidelijk niet geschikt om te lezen in de volle zon.

Tot zover …