Je zal maar paard zijn

Je zal dus maar paard zijn en in Andalusië wonen. Is dat fijn? Misschien wel … maar ik weet het zo net nog niet. Enfin, daar vertel ik zo wel over!

Na een goede nacht in een fijn bed met nog fijnere kussens, komen we tot de conclusie dat dit hier een best plekje is. Weinig vocht, ondanks die grote zee vlakbij en een heerlijke temperatuur en bovenal rust. Heel erg veel rust. Niet dat we dat thuis niet hebben, bij ons is het doodstil ´s nachts, maar de vochtigheid is de laatste weken echt niet te harden. Logisch dat het hele gebied moet uitwasemen na de enorme buien, maar tjonge, wat valt dat tegen. Hier is het heerlijk en je ziet Albert opknappen.

We doen kalm aan, ik incasseer de eerste verjaardagswensen en er volgen er nog héél erg veel vandaag, tot op dit moment heb ik al zeker 200 gelukswensen mogen ontvangen. Dat kan toch alleen maar heel veel voorspoed opleveren? Rond een uur of half elf verlaten we het appartement en via een kris-krasroute rijden we naar Jerez de la Frontera. Mijn navigatietalent laat me na 54 jaar ineens behoorlijk in de steek en dat blijft trouwens de hele dag een heikel punt. Maar vooruit, we bereiken ons doel!

Cadeautje van Albert, al lang geleden geboekt: een VIP-arrangement bij de Fundacíon Real Escuela Andaluza del Arte Ecuestre. In fatsoenlijke Nederlands is dat de Koninklijke School voor de Hippische Kunst. Er staan lange rijen voor de kassa, maar wij melden ons bij een man die in een mooi overhemd en met een naamplaatje staat en hebben direct beet. Hij blijkt onze gids voor de dag en we mogen alle rijen voorbij. Hij begeleidt ons door een prachtig park, langs een paleis, allemaal bezit van de rijschool, naar het paardengebeuren. We krijgen onze VIP-plaatsen te zien en we mogen die stoelen gebruiken met zijn tweeën. Altijd lekker, plekje voor tassen en waterflesjes. Die laatste scoren we trouwens nog snel bij een machine, eurootje per stuk, ze halen je hier in Spanje nergens het vel over de oren.

Onze José (we grossieren er in hoor, ze heten hier al snel Jozef of Maria) neemt ons daarna mee naar het museum, waar we van alles kunnen leren over paarden in het algemeen en de dressuur en de traditionele Andalusische rijkunst in het bijzonder. Hij vertelt ons dat dit hele gebeuren pas vanaf 1973 staat, wat eigenlijk nog heel recent is, zeker als je bedenkt dat ook de gebouwen dus nog niet zo oud zijn als ze lijken. Een bekende Spaanse paardenman kreeg een hoge onderscheiding vanwege zijn inzet voor de paarden in het algemeen en hij vond dat er met de prijs iets gedaan moest worden. Hij nam dus de beroemde Spaanse rijschool in Wenen in de arm, zocht sponsoren en zo begon het allemaal. De hele geschiedenis is te vinden in het museum, maar ook op de website (in het Engels). Het museum heb ik snel gezien, het is er bloedheet, Albert is al direct gevlucht en ik weet eerlijk gezegd 90 procent van wat er uitgelegd wordt. Maar ik heb natuurlijk niet voor niets dik 40 jaar ´in de paarden´ gezeten. De manier van uitleggen via allerlei interactieve displays en films is echt geweldig!

Om twaalf uur worden we weer opgewacht door José, die ons naar de rijhal brengt. We zitten recht tegenover de ingang, onder de Koninklijke Loge, die leeg is. Hadden ze ons best kunnen geven vandaag, toch? Enfin, er bleken in totaal een 25 mensen in het VIP-gedeelte te zitten en die hadden per 4 of 5 personen een eigen gids. Geweldige service! De hal stroomde helemaal vol en ik zag vanavond op Facebook dat er gewoon 1600 mensen binnen hebben gezeten. Echt geen idee van, het was er heerlijk koel en het voelde ruim aan. Nu hadden wij natuurlijk wel deftige plekken en lekkere zachte stoelen, maar toch.

Helaas lieve mensen, was het absoluut verboden om foto’s te maken tijdens de show. Maar geloof me, ze kunnen er wat van. Er was een show met een hele snelle PRE (zo heten de tradionale Spaanse paarden, Puro Rasa Española) gekruist met heet Arabisch bloed. Die liet zien hoe ze in Andalusië in het veld koelbloedig en snel rijden, met hele wendbare paardjes. Later kwam op diverse manieren de klassieke dressuur aan de orde met zuivere PRE-paarden en het viel op dat het niveau minder hoog was dan wat we ooit van de mannen uit Wenen zagen in Ahoy, maar toch prima hoor. Fijn gereden paarden, los in het lijf, mooie onafhankelijke aanleuning, vriendelijke gereden ondanks de stang en trens. Helaas, na de pauze vond ik het minder fijn. De paarden die aan de hand hun hoge sprongen en Spaanse pas mochten maken, deden dat onder veel getrek aan de leidsels en rukken en plukken. Zó jammer!

Sowieso vind ik het dubbel. Prachtige show, mooie paarden, goed verzorgd, netjes gepoetst en gevlochten, geweldige conditie. Niks mis mee, maar als VIP-gasten mochten we ook in de stallen kijken en dan doet het me toch pijn om te zien hoe deze hengsten in vrij kleine boxen staan, midden in de stad en nooit eens lekker in de wei lopen. Ook het losrij-terrein buiten was niet omheind, dus volgens mij komen ze nooit buiten zonder aan de lijn of onder het zadel te lopen. Het paard wat je op de foto buiten ziet, is van de buurman, van de Sandoman-sherry bodega. Eigenlijk niet meer van deze tijd, toch? Het verhaal was trouwens dat merries te weinig gebruikt kunnen worden omdat ze er 11 maanden uitliggen plus de tijd dat het veulen zoogt. Beetje klets, je kan ook merries houden zonder er een veulen bij te fokken, maar niet samen met al die hengsten 🙂 Dat wordt echt een hete bende bij elkaar. En voor dit werk zijn ruinen ook niet echt geschikt waarschijnlijk, het moeten best opgewonden standjes zijn om ze mooi te kunnen dansen.

We mochten ook nog de geweldige tuigenkamer bekijken en na de show nam José ons mee naar het koetsenmuseum, waar we werden vrijgelaten. Hij bedankte ons net zo vriendelijk als wij hem, het was absoluut de moeite waard! We dwaalden nog even rond tussen de koetsen, tuigen en mooie kostuums en vielen toen bijna letterlijk om van de honger. Omdat we geen zin hadden om nog een restaurant te zoeken, er in Jerez een feestdag was, dus heel veel afgesloten, reden we regelrecht naar het winkelcentrum buiten de stad om daar flink aan te vallen op een paar glazen Pepsi Max met veel ijs, een flatbread om te delen als voorgerecht en ieder een broodje hamburger met frietjes. En weet je wat? Deze week geleerd dat je die op zijn kop moet eten met je pinken onder het broodje, zodat er niks uitvalt. Best een uitdaging hoor, met mijn kleine handjes, maar het is gelukt!

Eten bij Foster´s Hollywood op zijn Amerikaans

Na een klein ijsje voor mij en koffie voor ons samen, zijn we nog ´een beetje´ gaan toeren. Uiteindelijk werd dat een paar uur, waarbij we vooral langs de kust reden door hele mooie duingebieden. Veel steden gezien met bekende namen als Vejer de la Frontera, Conil de la Frontera en nog meer, maar daar hadden we geen zin in. We kijken graag naar de natuur, naar de koeien die we op veel plekken buiten zagen lopen, op kale stukken land trouwens. En helaas, naar nogal wat paarden die in de brandende zon op een kaal stukje land aan de ketting staan met een bak water (hoop ik!) voor hun neus. Tja, dan kan je nog beter in een stalletje in Jerez staan ….

Rondje gereden vandaag

Omdat we vandaag heel veel foto´s hebben gemaakt en het internet hier niet echt geweldig is, plaats ik ze hieronder allemaal in één slideshow! Wij waren uiteindelijk na een stop bij de Aldi hier in de buurt, pas rond half acht thuis. We zitten nu, rond tien uur, nog op het balkon. Albert kijkt Barcelona – Villareal en ik, ik blog 🙂

1 reactie op “Je zal maar paard zijn

Laat een reactie achter bij Inge Blankenstein Reactie annuleren

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.